De Bijlesstudent

Present perfect of past simple?

Bijles Engels HAVO

Welke van de twee moet je gebruiken?

De present perfect en de past simple worden allebei gebruikt als de verleden tijd.

De present perfect wordt gebruikt als er iets in het verleden is gebeurd maar er nog een connectie is met het heden. Zo kan het bijvoorbeeld zijn dat er iets nog aan de gang is of dat je effecten van een gebeurtenis nog steeds merkt. Een voorbeeld hiervan is: “My feet hurt, because I fell down the stairs this morning”. Alhoewel je vanochtend van de trap bent gevallen heb je er nog steeds last van, je hebt namelijk nog last van je voet.

Kort gezegd gebruik je present perfect als:

  • de actie op dit moment nog aan de gang is
  • het over ervaringen gaat die tot nu toe plaats hebben gevonden
  • je resultaten van een actie nu nog kan merken.

De past simple gebruik je ook om aan te geven dat er iets in het verleden is gebeurd. Bij de past simple is de actie alleen volledig afgerond en merk je hier niks meer van. Een voorbeeld is dan: ‘I fell down the stairs this morning’, je bent in dit geval van de trap gevallen vanmorgen maar deze activiteit is afgelopen.

Twee voorbeelden

Voorbeeld

  • I can barely sleep, because I ……(to drink) coffee this afternoon

Op dit moment is de actie niet meer in gang, er wordt geen koffie meer gedronken. Wel heb je last van de actie: koffie drinken, je kan daardoor amper slapen. Omdat je nog last hebt van de resultaten van de actie gebruik je de present simple. De zin wordt dan ‘I can barely sleep, because I drank coffee this afternoon.

  • I … (to eat) all the candy from my roommate yesterday

Is de actie op dit moment nog gaande? → nee. Kun je het resultaat van de actie nu nog merken? → nee. Dus gebruik je hier past simple.

‘I ate all the candy from my roommate yesterday’.