De Bijlesstudent

Past simple

Bijles Engels VMBO

Wat is de verleden tijd in het engels?

De verleden tijd noemen we in het Engels past simple. Maar wanneer gebruik je past simple? Hoe maak je de past simple? En wat zijn de uitzonderingen van de past simple?

Het gebruik van de past simple:

De present simple wordt gebruikt als we het hebben over feiten en dingen die we doen. Bijvoorbeeld:

  • I work as a lawyer

Maar wat nou als je nu rechter bent, maar vroeger advocaat (lawyer)? Dan zeg je:

  • I worked as a lawyer → dit noemt men de ‘past simple’.

Vaak staan er in een zin signaal woorden die informatie geven dat de zin in de past simple/ verleden tijd staat. Voorbeelden van deze signaalwoorden zijn: yesterday, last week, last year, a long time ago, etc.

  • Years ago, I loved to dance ballet
  • I played field hockey yesterday
  • I wanted to meet my nephew a month ago

Signaalwoorden kunnen vooraan of achteraan de zin staan.

Hoe maak je de past simple?

Het maken van de past simple:

De basisregel voor het maken van de past simple is eigenlijk heel makkelijk. Je schrijft namelijk -ed achter de stam.

  • (to walk) : During coronatimes I walked a lot.
  • (to cook) : She cooked a very nice dinner yesterday.
  • (to order) : Last month I ordered many packages online
  • (to play) : She played the role of a princess in a movie, some years ago

Het maakt hierbij niet uit op wie het werkwoord betrekking heeft (I/you/we/they) het is altijd –ed achter de stam.

Uitzonderingen

Maar er zijn belangrijke uitzonderingen:

  • Werkwoorden die eindigen op -e krijgen alleen een -d

smile = She smiled at everyone.

  • Werkwoorden die eindigen op een –c krijgen er -ked

panic = He panicked when he saw the damage.

  • Werkwoorden die eindigen op een -y met een medeklinker ervoor (a,o,e,u,i) worden vervangen door –ied.

try = At least you tried.

  • Werkwoorden die eindigen op een -l, met 1 klinker ervoor krijgen een extra -l.

travel = I’m glad we travelled before covid-19.