De Bijlesstudent

Het tekenen van een vraaglijn en een aanbodlijn

Bijles economie HAVO

Hoe teken je een vraaglijn?

Een vraaglijn beschrijft de betalingsbereidheid van alle consumenten voor een bepaald goed/product. We weten al dat deze lijn dalend zal verlopen (van linksboven naar rechts beneden) omdat we weten dat de vraag zal toenemen als de prijs daalt. Daarom is er sprake van een negatief verband.

Wanneer je de vraaglijn gaat tekenen schrijf je de hoeveelheid op de horizontale as en de prijs op de verticale as.

Als voorbeeld gebruiken we de vraagvergelijking:

Qv = -30P + 600

P = prijs in € per stuk

Qv = de gevraagde hoeveelheid in 1.000 stuks

De eerste stap is P gelijk stellen aan 0. Dan weet je dus hoeveel vraag er is als het product €0 zou zijn.

De formule is dan = -30 x 0 + 600 = 600.000

De tweede stap is Qv gelijk stellen aan 0. Hier reken je dus uit bij welke prijs er geen vraag is.

0 = -30 + 600 (balansmethode nu aan beiden kanten + 30)

30 P = 600 (nu beiden kanten /30, dan houd je P = over)

P = 20.

Conclusie = bij een prijs van €20 is er 0 vraag, en als de prijs €0 is is de vraag 600.000

Je tekent dus een punt bij €0 = 600, en bij €20 = 0, en trekt tussen deze twee punten met je geodriehoek een rechte lijn. Je kunt natuurlijk altijd nog voor de zekerheid bijvoorbeeld €10 invullen voor P, kijken of Qv dan inderdaad 300 is.

schermafbeelding 2021 04 05 om 21.35.05

Hoe teken je een aanbodlijn?

De aanbodlijn zal in tegenstelling van de vraaglijn een stijgende lijn zijn. Waarom? Als de prijs stijgt zullen meer producenten hun product aanbieden. Er is hier dus sprake van een positief verband. De aanbodlijn beschrijft de leveringsbereidheid van alle producenten voor een bepaald product.

Als voorbeeld gebruiken we de aanbodvergelijking:

Qa = 30 P – 150

P = prijs in € per stuk

Qa = aangeboden hoeveelheid in 1000 stuks.

Als eerste stap vul je voor P =0, dan blijft er -150 over. Bij een prijs van €0 zal de geboden hoeveelheid negatief zijn, dit kan niet dus we kunnen dit punt niet gebruiken.

Maar bij welke prijs is het aanbod 0?

Qa = 0

0 = 30 P – 150 (balans methode, aan beiden kanten -30P)

-30 P = -150 (/30)

P = 5 → dit is het begin van de aanbodlijn.

Vul nu bijvoorbeeld P = 10 in. Dit wordt dan 30 x 10 -150 = 150

Bij een prijs van 10 is het aanbod dus 150, met deze informatie kun je de aanbodlijn tekenen.

Punt 1 = aanbod 0 bij P5

Punt 2 aanbod 150 bij P10.

Hoe teken je deze aanbodlijn in een grafiek?

Teken deze 2 punten en trek vervolgens met de geodriehoek een rechte lijn. De aanbodlijn zou er dan zo uit moeten zien:

schermafbeelding 2021 04 05 om 21.38.02