De Bijlesstudent

Le futur proche

Bijles Frans VWO

Hoe wordt een futur proche gemaakt?

In het Frans zijn er twee vormen van le futur: le futur simple en le futur proche. Wij gaan hier kijken naar le futur proche. Le futur proche is de onvoltooid tegenwoordig toekomende tijd. Je zegt hiermee dat je iets gaat doen.

            Ik ga naar de supermarkt lopen. Jij gaat naar de groenteboer fietsen.

Le futur proche drukt iets uit wat gaat gebeuren in de nabije toekomst. Het drukt iets uit dat straks of zeer binnenkort gaat gebeuren, net iets eerder dan de gewone toekomende tijd, le futur simple. Le futur simple ligt namelijk wat verder weg in de toekomst. Een gebeurtenis in le futur proche neemt dus net iets eerder plaats dan een gebeurtenis in le futur simple. Le futur proche kom je veel tegen in de spreektaal.

Hoe maak je een futur proche in het Frans?

Le futur proche vormen is heel simpel. Het gaat eigenlijk hetzelfde als in het Nederlands. Le futur proche bestaat uit het werkwoord aller (gaan) + het hele werkwoord. Net als in het Nederlands vervoeg je aller (gaan) en laat je het hele werkwoord gewoon staat. Je moet dus het rijtje van aller in de tegenwoordige tijd kennen.

Help! Wat is het rijtje van aller ook alweer?

je vais

tu vas

il/elle/ont va

nous allons

vous allez

ils/elles vont

Werkwoorden in le futur proche zetten is dus een makkie! Laten we eens even kijken naar commencer.

je vais commencer

tu vas commencer

il/elle/ont va commencer

nous allons commencer

vous allez commencer

ils/elles vont commencer

Meer weten?

Wil je weten hoe je werkwoorden in le futur simple, de onvoltooid toekomende tijd, vervoegt? Check onze uitleg!