Staatsinrichting van Nederland

Bijles geschiedenis VMBO

Staatsinrichting van Nederland

Nederland heeft een koning als staatshoofd, en de rechten en plichten van het staatsbestuur zijn vastgelegd in de grondwet / constitutie (= regeling van het staatsbestuur ).

De staatsmacht is in Nederland verdeeld over drie delen: de wetgevende, de uitvoerende en de rechterlijke macht. Deze drie machten zijn van elkaar gescheiden om te voorkomen dat niet een macht te machtig wordt.

  • De wetgevende macht is in de handen van de volksvertegenwoordiging = parlement = Eerste en Tweede kamer.
  • De uitvoerende macht is in de handen van de regering dit zijn de koning en ministers. Het kabinet bestaat uit ministers die onder leiding zijn van de minister-president (= premier), zij zijn verantwoordelijk voor de uitvoering van het bestuur van het land.
  • De rechterlijke macht is in handen van de onafhankelijke rechters.

Nederland is een democratie omdat het volk regeert, omdat de Tweede kamer verantwoordelijk is voor het kiezen van het kabinet en de volksvertegenwoordiging de wetgevende macht in handen heeft.

Hoe wordt een kabinet gevormd?

Na verkiezingen voor de Tweede kamer wordt een kabinet gevormd, dit zijn de stappen:

  • Uitslag van de Tweede Kamerverkiezingen.
  • Nieuwe Tweede Kamerleden worden gekozen.
  • Informateur / Verkenner.
  • Overleg met fractieleiders van politieke partijen over mogelijke samenwerking.
  • Tweede Kamer kiest een Formateur (deze wordt later vaak later de minister-president).
  • Overleg met de leiders van de partijen die samen willen gaan regeren (= dit noem je coalitiepartijen) over een politiek programma voor de komende vier jaar ( = regeerakkoord).
  • Overleg over het kiezen van ministers.
  • Goedkeuring van het kabinet en regeerakkoord door een meerderheid van de Tweede Kamer.
  • Koning benoemt de ministers
  • Officiële foto van de nieuwe regering op de trappen van het paleis.

Partijen die in de Tweede Kamer het kabinet niet of maar voor een deel steunen noemen we oppositiepartijen. De oppositie heeft het liefst een ander kabinet en een ander regeerakkoord (zij denken anders over sommige politieke zaken). In de meeste gevallen zullen de coalitiepartijen

Rechten en plichten van de Nederlanders

In de Nederlandse grondwet staan de rechten en plichten van het staatsbestuur en het volk. De grondwet vormt de basis voor de Nederlandse rechtsstaat en de wetten van Nederland.

De rechten en plichten voor Nederlanders zijn in verschillende perioden van de geschiedenis opgenomen in de grondwet.

De klassieke grondrechten (19e eeuw) als bescherming tegen de overheid:

  • vrijheid van godsdienst
  • vrijheid van meningsuiting
  • vrijheid van drukpers
  • vrijheid van vereniging en vergadering
  • vrijheid van onderwijs

De sociale grondrechten (20e eeuw) als bescherming door de overheid:

  • recht op bestaanszekerheid
  • recht op onderwijs
  • recht op gezondheidszorg
  • recht op woongelegenheid
  • recht op bewoonbaarheid van het land
  • recht op werk
  • recht op rechtsbijstand