De Bijlesstudent

Factoren die de reactiesnelheid beïnvloeden

Bijles NaSk VMBO

Van welke factoren is de snelheid van een chemische reactie afhankelijk?

De snelheid waarmee een chemische reactie verloopt is van een aantal factoren afhankelijk.

Deze factoren zijn: de soort stof, de temperatuur, de concentratie, de verdelingsgraad en de aanwezigheid van een katalysator. Op deze pagina zullen we deze 5 factoren goed met je doornemen, zodat je na afloop goed snapt op welke manieren de reactiesnelheid kan worden beïnvloed.

Soort stof

Sommige stoffen reageren heel heftig en snel met elkaar, terwijl andere stoffen langzaam met elkaar reageren. Denk bijvoorbeeld het onedele metaal natrium, dat heftig met water kan reageren. Roest ontstaat daarentegen juist heel langzaam.

Welke factoren zijn er nog meer?

Temperatuur

Hoe hoger de temperatuur is, des te groter is de reactiesnelheid. Bij een hogere temperatuur hebben de deeltjes meer energie, waardoor ze sneller bewegen en er meer kans is dat ze tegen elkaar aanbotsen. Ook zullen de botsingen harder zijn, waardoor het percentage effectieve botsingen toeneemt. Een effectieve botsing is een botsing tussen deeltjes, die een chemische reactie veroorzaakt met hergroepering van atomen als gevolg. Denk bijvoorbeeld aan een effectieve botsing tussen twee waterstofmoleculen en één zuurstofmolecuul, wat tot de vorming van twee watermoleculen leidt (2 H2 + O2 → 2 H2O).

Concentratie

Hoe hoger de concentratie van de beginstoffen is, des te groter is de reactiesnelheid. Er zijn dan namelijk meer deeltjes in een bepaald volume (“ruimte”) aanwezig. De kans dat deeltjes tegen elkaar aanbotsen is groter en het percentage effectieve botsingen neemt hierdoor toe. Er wordt daardoor in een kortere tijd meer reactieproduct(en) gevormd.

Verdelingsgraad

De verdelingsgraad geeft aan hoe fijn een stof verdeeld is. Bij een grotere verdelingsgraad is de stof fijner verdeeld en is het contactoppervlak groter, waardoor de reactiesnelheid groter is. Een goed voorbeeld is de vergelijking tussen een suikerklontje en een theelepel suiker. Dit laatste lost veel sneller op dan een suikerklontje, omdat het contactoppervlak groter is.

De laatste factor

Katalysator

Een katalysator kan de reactiesnelheid versnellen. Het is een stof die tijdens een reactie gebruikt wordt, maar niet verbruikt. Het is dus na de reactie onveranderd aanwezig. Een voorbeeld van katalysatoren zijn enzymen in je lichaam. Een ander voorbeeld is nikkel, dat als katalysator gebruikt kan worden om de reactie tussen koolstofmono-oxide en waterstof te versnellen. Bij deze reactie ontstaan methaan (CH4) en water: CO (g) + 3 H2 (g) → CH4 (g) + H2O (g). Zoals je ziet, moet je de katalysator nooit aangeven in de reactievergelijking! Dit komt doordat de katalysator niet reageert.