De Bijlesstudent

Hoeken

Bijles Wiskunde A VMBO

Soorten hoeken

Een hoek bestaat uit twee lijnen (zijden) die samenkomen in een punt. De hoek is eigenlijk de mate waarin de twee lijnen elkaar snijden. Hoe kleiner de hoek, hoe scherper de lijnen elkaar snijden. Een hoek wordt gemeten in graden.

Bij een rechte hoek staan twee lijnen haaks (loodrecht) op elkaar. Een rechte hoek is een hoek van 90 graden. Wanneer de lijnen geen hoek vormen noemen we dat een gestrekte hoek. Dat is eigenlijk een hoek van 180 graden. Een scherpe hoek is een hoek tussen de 0 en 90 graden. Je raadt het misschien al, een stompe hoek is een hoek tussen de 90 en 180 graden.

Soorten Hoeken

Het is belangrijk om te weten dat de hoeken van een driehoek bij elkaar opgeteld 180 graden is. Als je de vier hoeken van een vierhoek bij elkaar optelt kom je uit op 360 graden.

Hoe meet ik een rechte hoek op?

Je meet een hoek met je geodriehoek.

Geodriehoek

Zie je de lijn die van de middelste punt naar de basis loopt? Die lijn staat loodrecht op de basis. Met die lijn kun je kijken of het om een rechte hoek gaat.

Met de gele gradenboog op je geodriehoek kun je scherpe en stompe hoeken meten. Kijk maar!

De geodriehoek

Geodriehoek1 

Geodriehoek2 
 

Geodriehoek3 

 
Als je een hoek gaat meten met je geodriehoek leg je de basis van de geodriehoek, oftewel de langste zijde, langs één van de benen. De geodriehoek moet dan op de andere been liggen. Het hoekpunt moet precies bij de 0 liggen op de basis. Je kunt dan de hoek aflezen bij de andere been.

Onthoud dat de drie hoeken van een driehoek bij elkaar opgeteld altijd 180 graden zijn. Kom je op een hoger of op een lager getal als je de drie hoeken meet en bij elkaar optelt? Dan heb je een meetfoutje gemaakt.

Tip: We noteren een hoek altijd met één letter zodat er geen verwarring kan ontstaan.